Afgelopen donderdag 24 september hebben we gecommuniceerd dat cao partijen groen licht hebben gegeven. Dat betekent dat de inhoud van de cao vast staat. De inhoud van de wijzigingen heeft SFA gecommuniceerd.
Nu moeten deze wijzigingen nog in een nieuwe cao-tekst worden verwerkt die aan het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) kan worden gestuurd. Dat moet zorgvuldig gebeuren en kost derhalve tijd.
We laten het je weten zodra de tekst gereed is en op onze website staat.
De nieuwe wijzigingen van de cao (1 juli 2026 – 1 juli 2028)
Looptijd
De cao wordt afgesloten met een looptijd van twee jaar, van 1 juli 2026 tot 1 juli 2028.
Loon
- Met ingang van deze cao wordt automatische prijsindexatie (API) toegepast.
- De Consumentenprijsindex (CPI) van respectievelijk september 2026 en september 2027 wordt daarbij als uitgangspunt genomen.
- Dit houdt in dat per 1 januari 2027 en per 1 januari 2028 de salarissen meebewegen met de CPI zoals deze in de voorafgaande september gold.
- Partijen zijn daarbij een bovengrens van 4% overeengekomen.
- Als het CPI-percentage van september in een bepaald jaar boven de 4,0% uitkomt, wordt dit meerdere niet meegenomen in het salaris van het daaropvolgende kalenderjaar.
- In dat geval hebben partijen afgesproken dat dit meerdere tijdens de daaropvolgende cao alsnog (in daaropvolgende jaren) wordt verrekend, indien en voor zover de CPI lager is dan 4%.
- Partijen zijn daarnaast per 1 januari 2027 een aanvullende salarisstijging overeengekomen, afhankelijk van de hoogte van de CPI van september 2026.
- Daarbij geldt de volgende staffel:
Pensioenpremie
Partijen zijn voor 2027 een pensioenpremie van 22,8% overeengekomen. Deze geldt tot cao-partijen anders besluiten.
Stage
- In artikel 17 van de cao, in combinatie met bijlage 7, zijn bepalingen rondom stage opgenomen.
- Partijen komen overeen de stagevergoeding uit bijlage 7 lid 3 (€ 400 bruto per maand voor mbo-stagiairs op voltijdbasis en € 550 bruto per maand voor hbo- en wo-stagiairs) per 1 januari 2027 met € 100 bruto te verhogen.
- De stagevergoedingen komen daarmee op € 500 voor mbo- en € 650 voor hbo- en wo-stagiairs.
- Partijen zijn het erover eens dat misbruik of onjuist gebruik van de stageregeling in de branche onwenselijk is.
- Om die reden hebben partijen de intentie uitgesproken de bestaande stageregeling te bespreken.
Reiskostenvergoeding
Aan artikel 27 van de cao wordt de volgende regeling toegevoegd:
In het kader van duurzaamheid ontvangt werknemer die reist met het openbaar vervoer, voor een reisafstand vanaf 5 km tot maximaal 40 km (enkele reisafstand), maandelijks achteraf en tegelijk met het salaris een volledige vergoeding voor de kosten van het woon-werkverkeer, gebaseerd op reizen met 2e klasse openbaar vervoer over het goedkoopste traject. Als werknemer gebruikmaakt van eigen vervoer, bedraagt de vergoeding vanaf 5 km tot maximaal 40 km (enkele reisafstand) minimaal € 0,20 per kilometer.
Aanpassing vakantierechten en regeling collectief op te nemen vakantiedagen
Artikel 2 (Definities), lid i – feestdagen
De feestdagen met salarisdoorbetaling zijn: Nieuwjaarsdag, Tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, Tweede Pinksterdag, Eerste en Tweede Kerstdag, Koningsdag en 5 mei. In de jaren dat 5 mei geen verplichte vrije dag is, kan werkgever voor deze laatstgenoemde dag een andere vrije dag aanwijzen op grond van artikel 37 lid 5. Deze dagen komen boven op het verlof zoals genoemd in artikel 36 cao.
Artikel 36 (Vakantierechten), lid 2
Werknemer heeft per vakantiejaar recht op 248 uur vakantie op basis van een dienstverband van 40 uur per week (bestaande uit 160 (4 x 40) wettelijke vakantie-uren en 88 (2,2 x 40) bovenwettelijke cao-vakantie-uren).
Artikel 36, lid 3 – overgangsregeling
Het huidige lid 3 vervalt; in plaats daarvan komt een overgangsregeling:
- Voor werknemers die vóór 1 september 2026 in dienst waren bij hun huidige werkgever, geldt een overgangsregeling naar rato, opgenomen in de tabel in lid 3c van dit artikel.
- Het recht op de in onderstaande tabel opgenomen extra vakantie-uren naar rato blijft voor deze werknemers behouden, tot en met het kalenderjaar waarin zij de AOW-gerechtigde leeftijd bereiken.
- Leeftijd op 31-12-2026 en extra vakantie-uren:
Artikel 36, lid 4 – vervalt
Lid 4 (de huidige overgangsregeling) vervalt, omdat deze regeling per 31-12-2026, na 15 jaar, op niemand meer van toepassing is.
Artikel 37 (Toepassing vakantierechten), lid 5 – nieuw
In niet-lustrumjaren heeft de werkgever de mogelijkheid om in plaats van 5 mei een andere collectieve, doorbetaalde verlofdag aan te wijzen op een door de werkgever te bepalen werkdag. Maakt de werkgever van deze mogelijkheid gebruik, dan geldt 5 mei in niet-lustrumjaren voor werknemers als een reguliere werkdag.
Artikel 38 (Collectief op te nemen vakantiedagen), lid 1
Werkgever kan aan het begin van ieder kalenderjaar een collectieve vakantieperiode van maximaal zeven aaneengesloten werkdagen aanwijzen. De collectieve vakantieperiode wordt vastgesteld gedurende de bouwvak die van toepassing is in de regio waarin het (hoofd)kantoor van werkgever is gevestigd, volgens de adviesdata voor de bouwvak van brancheorganisatie Bouwend Nederland, dan wel in de periode rond en tussen Eerste Kerstdag en Nieuwjaarsdag. Welke aaneengesloten periode wordt aangewezen, wordt vastgesteld in overeenstemming met de medezeggenschap.
Aandacht voor AI-ontwikkelingen
Aan de cao wordt de volgende tekst toegevoegd:
Sociale partners erkennen dat AI een steeds grotere invloed heeft op het werk. De werkgever zal (blijven) investeren in kennisontwikkeling en opleiding van medewerkers in het omgaan met AI, en zal de gevolgen van AI voor werk, medewerkers en organisatie samen met de medezeggenschap bespreken en blijven volgen.
Aandacht voor diversiteit en inclusie
Aan artikel 11 van de cao wordt de volgende tekst toegevoegd:
Werkgever en werknemer erkennen de kracht van diversiteit en inclusie. Beide streven naar een werkomgeving waarin iedereen zich thuis voelt en zichzelf kan zijn, ongeacht afkomst, geslacht, leeftijd, seksuele geaardheid, religie, arbeidsvermogen of andere persoonlijke kenmerken. In overleg met, en ter vaststelling door, de werkgever is mogelijk ruimte voor maatwerk in arbeidsvoorwaarden om rekening te houden met specifieke levensfasen, gezondheidssituaties of culturele behoeften van de individuele werknemer.
English translation
The full English translation of the Collective Labour Agreement 2026–2028 is not yet available.
In the meantime, please consult the translated version of the 2023 CLA and the Job Classification System (“Functiehuis”) under [Bestanden/CLA 1 March – 31 December 2023 > English information].
Aparte, aanvullende cao
Voor de reparatie van het WW-jaar en WGA zijn de cao-partijen aangesloten bij een aparte verzamelcao voor de private aanvulling WW en WGA.
- In het eerste ziektejaar heeft werknemer recht op volledige doorbetaling van het salaris dat hij zou ontvangen als hij arbeidsgeschikt zou zijn geweest. In het tweede ziektejaar ontvangt hij 70% van dat salaris. Werkgever vult dat aan tot 100% als werknemer voldoende meewerkt aan zijn re-integratie en zich houdt aan de voorschriften van de Wet verbetering poortwachter.
- Werkgever is verplicht voor werknemer(s) een verzekering af te sluiten voor inkomensaanvulling in derde en volgende arbeidsongeschiktheidsjaren in geval van een WIA-uitkering bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
- Werkgever vult het 3e WW-jaar aan via en conform de regeling private aanvulling werkloosheidwet uitgevoerd door Stichting Private Aanvulling WW (SPAWW).
- De uitwerking van lid 1, 2 en 3 is opgenomen in bijlage 10 van deze cao.