CAO

Artikel 37

Oudere werknemers die behoefte hebben aan taak verlichting kunnen vanaf 10 jaar voor hun pensioengerechtigde leeftijd de volgende keuze maken:

  1. korter werken. De arbeidsduur kan dan vrijwillig worden teruggebracht naar niet minder dan 32 uur per week. De afdracht van de pensioenpremie en de premie ten behoeve van de aanvullingsregeling ouderdomspensioen worden ongewijzigd voortgezet op basis van de oorspronkelijke arbeidsduur. dat geldt ook voor de oorspronkelijke verdeling van de premielasten over werkgever en werknemer. daardoor heeft het korter werken geen gevolgen voor de pensioenopbouw en eventuele aanvulling;
  2. één functieniveau lager gaan werken binnen dezelfde functiefamilie met behoud van salaris.