Cao-artikel 31

  1. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgever en werknemer om de vakkennis, vitaliteit en (persoonlijke) ontwikkeling van werknemer in relatie tot zijn functie en loopbaanontwikkeling op peil te houden.
  2. De werkgever zal (blijven) investeren in kennisontwikkeling en opleiding van de medewerkers in het omgaan met AI en zal de gevolgen van AI voor werk, medewerkers en organisatie samen met de medezeggenschap bespreken en blijven volgen.
  3. Zowel werkgever als werknemer kunnen het initiatief nemen tot het volgen van een opleiding of studie voor en door werknemer.
  4. Voor het bijblijven, versterken of ontwikkelen van kennis ten behoeve van het architectenbureau ligt het financiële zwaartepunt bij werkgever. In bijlage 9 wordt dit onderwerp verder uitgewerkt.
  5. Het opleidingsbudget dat werkgever beschikbaar stelt voor zijn werknemers moet in redelijkheid kunnen voorzien in de beoogde opleiding en ontwikkeling van zijn werknemers ten behoeve van de functie-uitoefening of doorgroei in het architectenbureau. Het bedraagt – voor werknemers gezamenlijk te besteden – minimaal 1% van de totale bedrijfskosten. Onder “bedrijfskosten” moet worden verstaan alle kosten die een bedrijf maakt die aan derden worden gefactureerd voor het realiseren van de omzet, exclusief de loonkosten.
  6. De OR of PVT (personeelsvertegenwoording) krijgt eenmaal per jaar een overzicht van de omvang en besteding van het in lid 4 genoemde opleidingsbudget.
  7. Werknemer die ingeschreven staat in het architectenregister is zelf verantwoordelijk voor het bijhouden en registreren van voldoende bij- en nascholingsuren.